EMU-saldo

Het overzicht van het EMU-saldo is een verplicht onderdeel in de begroting. Samen met de geprognosticeerde balans geeft het inzicht in toekomstige ontwikkelingen van de financieringsbehoefte van de gemeente Gouda.

Omschrijving (Bedragen in € x 1.000)

2022

2023

2024

2025

2026

Volgens realisatie tot en met sept. 2022, aangevuld met raming resterende periode

Volgens begroting 2023

Volgens meerjarenraming in begroting 2024

Volgens meerjarenraming in begroting 2025

Volgens meerjarenraming in begroting 2026

1. Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

8.381

5.443

8.261

12.456

1.840

2. Mutatie (im)materiële vaste activa

51.470

75.714

31.609

32.577

74.211

3. Mutatie voorzieningen

7.080

5.852

5.258

5.546

5.546

4. Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)

-621

-7.543

-4.234

-5.131

-1.144

5. Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa

0

0

0

0

0

Berekend EMU-saldo

-35.388

-56.876

-13.856

-9.444

-65.681

De begroting van Gouda is opgesteld conform een (gemodificeerd) stelsel van baten en lasten. In het BBV, art. 20 is de verplichting vastgelegd dat de gemeenten het geraamde EMU-saldo moeten opnemen in de programmabegroting over het vorig begrotingsjaar, het begrotingsjaar jaar en de drie daar op volgende jaren. Het EMU-saldo is het saldo van de inkomsten en uitgaven met derden (dus geen afschrijvingen, waardemutaties, etc.) van de overheid op transactiebasis in een bepaald jaar. Het EMU-saldo geeft aan of er in een bepaald jaar met reële transacties meer geld uitgegeven wordt dan in een jaar binnenkomt, of dat er geld overgehouden wordt. Het EMU-saldo is daarmee een indicatie voor de ontwikkeling van de liquiditeits- en financiële positie (eigen vermogen en schulden) van de gemeente.

In de jaren tot en met 2015 werden er een individuele referentiewaarden van het EMU-tekort vastgesteld. Voor 2019-2022 is het jaarlijkse aandeel in het EMU-saldo van de decentrale overheden gesteld op 0,4%. Het aandeel van de gemeenten is gesteld op -0,27% van het BBP. Het aandeel in het EMU-tekort betreft een inspanningsverplichting, er staat momenteel geen sanctie op een eventuele overschrijding van het toegestane EMU-tekort.